Huurprijsberekening

Uw huurprijs wordt berekend aan de hand van de volgende formule:

1/55 x inkomen – patrimoniumkorting – gezinskorting.

Het resultaat van de formule ligt tussen of is gelijk aan een minimum of maximum.

Met andere woorden: uw inkomen, de marktwaarde van de woning en uw gezinssituatie bepalen uw huurprijs.

Inkomen

Uw huurprijs wordt berekend op basis van het belastbaar inkomen van drie jaar geleden. In 2016 geldt dus uw inkomen van 2013. Dit inkomen wordt geïndexeerd en daarna gedeeld door 55. Het resultaat van deze berekening is uw maximale huurprijs.

Patrimoniumkorting

De patrimoniumkorting wordt bepaald door de marktwaarde van de woning. De marktwaarde is de huurprijs die iemand betaalt voor een gelijkaardige woning op de privémarkt (gelijkaardig type, ouderdom,…). Hoe lager de marktwaarde, hoe hoger de patrimoniumkorting.

Niet elke woning zal deze extra korting ontvangen. Voor sociale woningen met een lage marktwaarde kan er maximaal 134 euro patrimoniumkorting worden toegekend. Voor sociale woningen met een hoge marktwaarde zal er soms geen patrimoniumkorting worden verstrekt.

Gezinskorting

De gezinskorting wordt bepaald door het aantal personen ten laste. Hieronder worden kinderen en/of gezinsleden met een handicap (+66%) verstaan. Voor elke persoon ten laste krijgt u 18 euro gezinskorting. Bij de geboorte van een kind wordt de gezinskorting pas vanaf 1 januari van het daaropvolgende kalenderjaar toegekend.

Indien u kinderen hebt die niet bij u gedomicilieerd zijn, maar er wel op regelmatige basis verblijven dan hebt u recht op 9 euro gezinskorting per kind. Het verblijf dient aangetoond te worden met een verklaring op eer die ondertekend is door beide ouders.

Aanpassing huurprijs

De huurprijs wordt bij het begin van elk jaar aangepast. Herzieningen in de loop van het jaar zijn alleen mogelijk in onderstaande gevallen:

  1. Bij het overlijden van een gezinslid van wie het inkomen in aanmerking werd genomen.
  2. Als een gezinslid van wie het inkomen in aanmerking wordt genomen, de woning verlaat. Hiervoor dient u de nodige bewijsstukken te bezorgen. Pas na bezorging van deze documenten zal de huurprijs aangepast worden.
  3. Wanneer het inkomen gedurende 3 opeenvolgende maanden met minstens 20% is gedaald tegenover het referentiejaar. De nodige bewijzen moeten worden voorgelegd voordat de huurprijs kan worden aangepast. Deze aangepaste huurprijs is 6 maanden geldig. Indien u voor het verstrijken van deze periode niet opnieuw de nodige bewijsstukken voorlegt, zal de oorspronkelijke huurprijs terug worden aangerekend.
  4. Als een persoon komt inwonen van wie het inkomen in aanmerking moet worden genomen. U dient dit echter VOORAF aan de ZWH te melden. Er zal gecontroleerd worden of de bijwoner aan de voorwaarden voldoet. Indien dit het geval is, zal het inkomen van de bijwoner worden meegeteld voor de huurprijsberekening en moet er een bijvoegsel aan de huurovereenkomst worden ondertekend.